
Prachtig onderzoek van Michael Levin laat zien, dat de variatie in de evolutie niet geheel blind is. Er is toeval maar niet alles is mogelijk. De morfo-space waarbinnen de evolutie navigeert, heeft al een bepaalde structuur en staat niet alle variaties toe. Bepaalde oplossingen zijn energetisch stabiel en andere niet. De evolutie convergeert naar oplossingen die op een bepaalde manier in de structuur van de kosmos al vastlagen.
Levin doet onderzoek naar de collectieve intelligentie van cellen. Hoe werken de cellen samen om tot een gezond organisme te komen? Dit doen ze onder andere via bio-elektrische signalen. De zenuwcellen in onze hersenen, zijn een specialisatie van gewone cellen, zegt Levin. Zenuwcellen kunnen een elektrisch signaal over afstand transporten. Maar alle cellen communiceren via bio-elektrische spanningen op het celmembraan. In de hersenen leidt dit tot denken, in een bevruchte eicel tot de uitvoering van een doelgericht ontwerp. Hoe “weet” een bevruchte eicel waar het zijn eigen ledematen en organen moet ontwikkelen. Het ontwerp ligt voor een belangrijk deel in het bio-elektrisch veld.
Nog interessanter wordt dit onderzoek waar Levin aanwijzingen vindt dat deze bio-elektrische software, zoals hij het noemt, convergeert naar bepaalde energetisch optimale oplossingen. Als je de juiste aangrijpingspunten weet, kan je het ontwerp van het organisme veranderen. Levin vergelijkt het met het aanroepen van een functie in computer software. Het werkt zonder dat je weet wat er onder de motorkap gebeurt.
In het lab creëert Levin bijvoorbeeld een platworm met twee hoofden. Deze verandering wordt aan de volgende generatie doorgegeven, zonder dat er iets aan het genoom is veranderd. Verrassend genoeg kunnen soms ook ontwerpen opduiken van verwante soorten. Dit is een sterke aanwijzing dat de evolutie naar bepaalde oplossingen toe convergeert en niet eindeloos varieert. In de chaos theorie wordt dit beschreven als de attractors van een systeem. Schijnbaar chaotisch gedrag cirkelt bij nadere analyse om een soort anker heen. Wiskundig kan je daar heel precies aan rekenen. De wiskundige Alfred Whitehead sprak al over de lure (lokaas) van de evolutie; alsof ze zich ergens naartoe beweegt. De evolutie heeft niet alleen blind mechanische oorzaken in de rug, maar heeft ook al een voorgestructureerde ruimte voor zich. Levin komt met experimenteel wetenschappelijk onderzoek voor deze speculatieve claim.
En mocht je denken wat doet deze De Kijk-achtig bijdrage op de website van een therapeut? Ik geloof dat er veel lijden is als gevolg van de mechanistische opvatting van de natuur. Het is onderdeel van wat vaak wordt aangeduid als ‘The meaning crisis’. De wereld is gefragmenteerd geraakt en relaties zijn verbroken. Het is mooi als er van binnenuit scheuren ontstaan in dit wetenschappelijk wereldbeeld. Zoals Leonard Cohen zong: There’s a crack in everything, that is how the light comes in.

